Het team van De Nieuwe Wereld is afgelopen jaar gestart met de invoering van 'adaptief onderwijs'. Dit is een vorm van onderwijs die meer rekening wil houden met de verschillen tussen de kinderen en de betrokkenheid van kinderen bij het leren wil stimuleren en prikkelen. Zij worden daarbij begeleid door een deskundige van het APS. Om deze veranderingen goed te kunnen invoeren zijn verschillende studiemiddagen ingepland met het gehele team.
Studiedagen van het team
Evenals vorig schooljaar volgt het gehele team scholing met betrekking tot 'adaptief onderwijs'. Een mooie kreet, maar wat houdt dat in?
Adaptief onderwijs heeft te maken met het kunnen omgaan met verschillen die er bij kinderen zijn, met zelfstandigheid en vooral met zelfsturing. Vanuit het adaptief onderwijs wil men de kinderen meer verantwoordelijk maken voor het leren en werken op school. Het is belangrijk dat kinderen zich betrokken voelen bij belangrijke zaken in hun eigen leef- en leeromgeving, het versterkt hun gevoel van autonomie: 'ik kan het zelf'. Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan het uiteindelijke doel van de (schoolse) opvoeding: zelfsturing. Om het doel van zelfsturing te bereiken leert en werkt het team tijdens de werkbijeenkomsten in kleine groepjes onder andere aan:
- een veilig en tegelijkertijd uitdagend leerklimaat voor de leerlingen;
de vaardigheden die nodig zijn om zelfsturing bij het leren aan kinderen aan te bieden;
de wijze waarop zinvolle, voor kinderen herkenbare werksituaties uitgelokt kunnen worden;
hoe we kinderen kunnen laten reflecteren (terugkijken) op hun gedrag en hun werk.
De projectgroep
Een kleine groep, bestaande uit een directielid en intern begeleiders, geeft leiding aan het project in de eigen school. Die projectgroep wordt geschoold en gecoacht door een APS-begeleider om zelf leiding te geven aan de invoering van het project.
Het APS verzorgt werkbijeenkomsten waarin leerkrachten worden geschoold in het het werken met 'Kies Adaptief'. Ze maken ontwerpen voor de eigen praktijk en voeren die vervolgens uit in de klas. In de voorbereiding en uitvoering werken ze samen met een collega. Ze krijgen daarbij ondersteuning van één van de leden van de projectgroep die als hun coach beschikbaar is.
Na afloopNa afloop van het project zijn leerkrachten nog competenter om het dagelijkse onderwijs te regisseren op vier gebieden: klimaat, vaardigheden, betekenisvolle leersituaties en reflectie. Kinderen hebben meer invloed gekregen op het leren en leven in de klas en op school, waardoor meer wordt tegemoetgekomen aan hun behoefte aan relatie, competentie en autonomie.
Als school zullen we geleerd hebben om beter op eigen kracht het onderwijs in onze school up-to-date te houden.