De docent biedt een aantal taken aan waaruit leerlingen kunnen kiezen. Leerlingen oriënteren zich op de taak, op het onderwerp en brengen hun persoonlijke taalkennis in het licht van de uit te voeren taak in kaart.
Pre-task: Oriëntatiefase
Vervolgens vormen ze groepen naar eigen keuze. Ook bedenken ze zelf de criteria waarop ze straks beoordeeld willen worden. Op die manier zijn ze zelf aan het bedenken wat ze willen gaan leren.
Voorbereidingsfase
Na de oriëntatiefase gaan ze zich in de groep voorbereiden op de taak. Vragen als: Wat gaan we doen? Hoe gaan we het doen? Wat hebben we nodig, et cetera … komen dan aan de orde.
Uitvoeringsfase
Vervolgens gaan ze de taak uitvoeren. Er is ruimte voor fouten maken en fouten bijstellen. Het gaat hier om leren door doen, zowel op het gebied van de taalverwerving als van de aanpak en de samenwerking.
Post-task
Nadat de taak voltooid is, kijkt de leerling terug naar het geleerde, zowel op individueel als op groepsniveau. In deze fase wordt samen met de docent expliciet gekeken naar het geleerde op taalniveau. Dan volgen allerlei taalfitness-activiteiten zoals hoorcolleges, workshops, extra oefeningen om de geconstateerde taalhiaten weg te werken.
Terug naar het overzicht.